We hebben onze wekkers voor half zeven gezet en Alexa speelt "We don't talk about Bruno" als muziekje. Dat is vrolijk wakker worden.
We hebben het meeste gisteren al in de auto gezet. Alleen de koelbox moet nog gevuld worden en natuurlijk de laatste dingen in de tassen gedaan. Na Orions wandeling kunnen we vertrekken. Het is vijf over half acht, maar vijf minuten later dan we in gedachten hadden.
In Vienna haal ik mijn ontbijt van Panera en Ricks ontbijt en de koffies komen natuurlijk van Starbucks. Dan rijden we naar de ingang van de tolweg.
Op de gewone weghelft staat een flinke file en helaas moeten wij daar in Maryland ook bij. Gelukkig is het van korte duur en rijden we zo door naar Baltimore. Eenmaal door de Fort McHenry tunnel zijn we echt uit ons gebied. De rest van Maryland gaat zonder oponthoud.
In New Jersey zien we na een tijdje de skyline van New York. We moeten over de George Washington brug en zoals wel vaker rijdt Rick aan het einde per ongeluk mis. Het is ook zo onduidelijk, voor je het weet neem je de verkeerde afslag. Gelukkig kunnen we al snel omdraaien en verliezen niet veel tijd.
Als we eenmaal door de New York drukte heen zijn gaan we op zoek naar een tankstation waar we ook onze lunches op kunnen eten. We vinden een Mobil in Norwalk, Connecticut. Ik laat me mijn meegebrachte lunch van groenten, garnalen en fruit goed smaken. Rick vindt zijn wrap ook lekker.
Eenmaal weer op weg kijken we naar de viering van het vijftigjarig bestaan van Microsoft. In juni viert Ruck zijn 35-jarig jubileum daar.
Met al Trumps tarieven e.d. zien veel mensen hun opgespaarde pensioen flink kelderen. Ook wij maken ons wat zorgen omdat Rick binnen afzienbare tijd met pensioen wil gaan.
Onze vriend Geoff is financieel adviseur en hij belt om ons een beetje gerust te stellen. Dat is fijn, maar feitelijk weet niemand hoe dit zal eindigen. We hopen maar dat het breekpunt nader is nu ook de rijken het in hun portemonnee voelen.
En zo reizen we voort op de Amerikaanse snelwegen. Van de interstate 95 naar de I-84, dan de I-91 en dan zijn we na een aantal uren weer op de I-95. Een leuk weetje is misschien dat de interstates met even nummers oost-west lopen en de oneven nummers van noord-zuid. De langste is de I-90, bijna 5000 kilometer lang.
Net voor drieën rijden we Massachusetts binnen en hebben dan nog bijna twee uur te gaan. Helaas wordt dat langer. Er is nogal wat verkeer tijdens het spitsuur van Boston.
We besluiten even de snelweg af te gaan naar een Whole Foods. Morgen eten we taco's en Whole Foods heeft seitan gehakt dat Saskia lekker vindt daarvoor. Ik neem ook gelijk een plaspauze.
Nu hebben we nog een uur te gaan en dan zijn we om tien over vijf eindelijk bij de Compass Rose Inn. Dit is een bed & breakfast vlakbij mijn zus en de sleutel ligt voor ons klaar. Onze kamer is op de eerste verdieping dus arme Rick moet alles naar boven slepen.
Als we geinstalleerd zijn gaan we naar het huis van mijn zus. Daar zijn Katja en Kevin ook net aangekomen. Fiona en Nico hebben de lange rit goed doorstaan en zijn in een opperbeste bui. Fiona is meteen dol op de twee zwarte labradors en zij op haar.
Mijn zus en nichtje hebben een lekkere maaltijdsalade met kip klaargemaakt. Het wordt heel gezellig met zijn allen! De kinderen eten ook goed, vooral als mijn nichtje allerlei zoetigheden tevoorschijn haalt.
Wij zijn doodmoe van de lange rit en morgen is er weer een drukke dag. We nemen dus afscheid en gaan terug naar de inn. Daar gaan we op bed liggen en computeren nog wat. Morgen moeten we vroeg aan de bak om te versieren voor de shower. Hopelijk gaat het allemaal goed.