Zaterdag
We hebben onze wekker voor kwart over acht gezet vanochtend. Het weerbericht klonk gisteravond allerminst belovend. De weerman vroeg zelfs, of we vandaag over zouden kunnen slaan om maar meteen naar zondag door te gaan. Rijden in de regen vind ik vreselijk en er worden ook onweersbuien voorspeld. Dit gebied staat bekend om zijn tornado's, dus dat maakt me nerveus voor de bijna 400 kilometer lange rit terug naar Kansas City.
Gelukkig is het, als we de gordijnen openen, wel bewolkt, maar helemaal droog. Tegenover het hotel ligt een Starbucks drive thru en ik geef Kai de keuze. Of eten in het restaurant van het hotel of iets ophalen bij de Starbucks.
Gelukkig kiest hij het laatste, want dat restaurant was duur en langzaam. Ik wil gewoon op weg nu en Kai kennelijk ook. Ik bestel mijn gewoonlijke misto en een kalkoenbacon met ei sandwich. Kai neemt een "artisan" sandwich met Goudse kaas en bacon en een cinnamon dolce latte.
Op de parkeerplaats eet ik mijn sandwich en dan gaan we op weg. Ik stel de GPS in op de Openbare Bibliotheek in Kansas City. Er is mij verteld, dat dit een bijzonder gebouw is en Kai en ik zijn daar nieuwsgierig naar.
Kai doet zijn muziek weer aan en wat ben ik daar blij mee! Tot vandaag hadden we ook satellietradio in de auto, maar kennelijk is dat abonnement afgelopen, want vandaag doet hij niets. Als de muziek er niet was, was ik waarschijnlijk aan het stuur in slaap gevallen!
De weg van Branson naar Kansas City is zonder twijfel de saaiste, die ik ooit heb gereden. Er is werkelijk niets, dan lege prairies en velden en de enkele boerderij te zien. Meestal kan ik de schoonheid van welk landschap dat ook wel inzien, maar hier is maar een woord voor: doodsaai!
Het wordt letterlijk mijlen tellen. Onderweg klets ik nog even bij met Rick en probeer mijn zus te bellen, die er helaas niet is. Toch gaat het vrij snel, want de snelheidslimieten zijn hier hoog en er is maar heel weinig verkeer. In de verte zie ik buien, maar wij houden het droog.
Eindelijk bereiken we, na iets meer dan drie uur en zonder stoppen, de Kansas City stadsgrens. Precies nu beginnen de druppels te vallen. Het ziet er niet eens echt donker uit, maar ik denk toch bliksem te zien. Ik hoor geen donder, dus heb het me vast maar verbeeld.
Bij de bibliotheek aangekomen zien we de parkeergarage, die bekend is. Die ziet er namelijk uit, als een rij boeken. Het is een van de weinige gebouwen ter wereld, die eruit zien, als wat ze "verkopen". Ik neem een paar foto's, maar het regent inmiddels al een stuk harder.
Die bliksem was ook geen verbeelding. Al is het echt niet warm buiten (wanneer wij in Virginia onweer krijgen), toch onweert het flink. Zo erg zelfs, dat we in een hagelstorm terecht komen. Denkend aan de tornado's en de hagel, die hier zo groot als golfballen kan worden, voel ik me niet bepaald op mijn gemak. Ons plan om het centrum van Kansas City te voet te gaan verkennen, laten we meteen maar varen.
Een ding, waar Kansas City bekend om staat, is zijn barbecue. Al ben ik daar gewoonlijk niet zo'n fan van, ik weet, dat Kai dat wel is en het lijkt me leuk om hier authentiek te lunchen.
Op de GPS zoek ik naar bbq restaurants en dat zijn er heel wat. De eerste twee zien we niet meteen uit de auto. Ik rijd er dus maar voorbij, want we zijn geen van beiden gekleed op regen. Ik bedenk me, dat we geluk hebben gehad deze week, dat dit de eerste regen is. Het had zo de hele tijd zulk weer kunnen zijn. In de late winter en lente staat dit gebied er bekend om.
Driemaal is scheepsrecht en het derde restaurant, waar de GPS ons heen leidt, blijkt heel populair. We zien er heel wat mensen binnengaan. Dat moet toch betekenen, dat het eten er goed is. Ik parkeer de auto en we rennen naar binnen bij Fiorella's Jack Stack Barbecue.
Niet onverwacht is er een wachttijd voor een tafel in de eetkamer. We kunnen ook in de bar aan een tafeltje plaatsnemen zonder te wachten. Daar is nog een tafel open, dus die nemen we.
Het moet gezegd, het eten is fantastisch! Als je ooit in Kansas City bent, ga hierheen. Ik bestel de lunch met gesneden vlees, varkensvlees en ham (ik weet het, dat is ook varkensvlees) met de hete saus. Dat wordt met patat geserveerd. Ik vraag voor extra hete saus en eet mijn vingers bijna op! Het varkensvlees smelt letterlijk op mijn tong!
Kai neemt een sandwich met "burnt ends" (vond ik niet lekker klinken, maar een hap ervan bewijst anders). Ook de barbecue rookworst is super lekker. Tot mijn verbazing smullen we echt. Mijn portie is een lunchportie, maar goed ook, want ik zie me toch een enorme borden met barbecue langskomen!
We rekken het eten zo lang mogelijk, want we hebben nog heel wat tijd, voor we echt bij het vliegveld moeten zijn. Eenmaal weer buiten plenst het nog steeds en dat wordt zelfs erger, naarmate we het vliegveld naderen.
Zonder problemen vinden we de Dollar huurautoinleveringslocatie. Alleen is daar geen enkele overdekking en het plenst. De arme medewerker is tot op het bot doorweekt en het is niet warm buiten!
We krijgen ons inleveringsbewijs en dan vraag ik, of ik de auto dichter bij de ingang mag rijden om de bagage af te zetten. Anders zouden we er zo'n honderd meter mee door de stromende regen moeten rennen. Eerst zegt hij, dat het mag, maar dan weer niet, anders zou iedereen het gaan doen. Ik zie niemand in de omgeving, maar goed. We mogen wel in de auto de bui afwachten.
Dat besluiten we dan maar te doen, maar het blijft maar plenzen. Uiteindelijk kijk ik op mijn telefoon op de radar en zie, dat er nog heel veel regen aankomt. Wachten heeft dus geen zin. Dan wagen we het er maar op. Wederom ben ik blij gisteren een regenjas te hebben gekocht, die komt nu goed te pas!
Rillend en nat lopen we het gebouw binnen. Nu moeten we nog met een bus naar de terminal. Gelukkig staat die wel onder een afdak. De chauffeur verontschuldigt zich voor het weer en helpt met de bagage, ook bij de terminal, zodat die niet doorweekt wordt.
Nu zijn we veilig, althans, ik hoop, dat de onweersbuien onze vlucht niet zullen vertragen. De check in gaat heel snel en we hebben nog heel wat tijd, dus gaan in de sportbar zitten. Daar kunnen we onze apparaten ook weer opladen, al geeft mijn netboek nog steeds geen teken van leven, helaas.
Twintig minuten voor we aan boord zullen gaan, lopen we naar de veiligheidscontrole. Daar "piep" ik en moet mijn Pandora armband en ketting uitdoen. Dat is me nog niet eerder overkomen, maar inderdaad gaat het daarna goed.
We hebben trouwens al twee keer in Washington en Houston door de controversiele "body scan" machines moeten gaan. Wat een storm in een glas water was dat! Ik heb er absoluut geen moeite mee die machine in te gaan.
Ons vliegtuig van Kansas City naar Chicago is nog kleiner, dan dat van Washington hierheen. Kai en ik hebben stoelen naast elkaar en toch nog redelijk wat plaats. Deze United Express vlucht heeft maar een flight attendant.
De vlucht is nogal turbulent, waarschijnlijk dezelfde buien, die ons zo nat maakten eerder vanmiddag. We krijgen een drankje en dan is het alweer tijd om te dalen. We zitten aan de goede kant om de Chicago skyline te zien en ik neem een aantal foto's.
Onze overstaptijd bedraagt bijna drie uur, dus we hebben ruim de tijd. We moeten wel van terminal veranderen, dus nemen het busje naar de C gates. Als ik van tevoren had geweten, hoe weinig keuze aan eten daar was, hadden we in terminal 2 gegeten. We hadden er de tijd voor.
Nu we dan in terminal 1 bij de C gates zijn, hebben we geen van beiden zin om terug te gaan. We bestellen sandwiches, Kai een reuben, die er nog redelijk uitziet, en ik een roast beef, die werkelijk verschrikkelijk is! Aan de bar bestel ik een wijntje om het weg te spoelen, die smaakt dan wel weer lekker.
Zonder computer is de wachttijd saai en lang, maar de Kindle brengt uitkomst. Ik lees een halve mystery over Dotsy Lamb uit. Eindelijk is het tijd om aan boord te gaan en ik mis net een eerste klas stoel. De twee mannen voor mij op de lijst krijgen die wel, grr!!
Kai en ik hebben economy plus stoelen, dus extra beenruimte. Dat is toch eigenlijk alles, wat belangrijk is. De vlucht van Chicago naar Washington bedraagt een uur en twintig minuten, die natuurlijk zo voorbij zijn. Voor ik het weet, zie ik de vele lichten van ons gebied weer onder ons en een kwartiertje later landen we op Dulles International.
Terwijl we door het midden westen reden, zeiden Kai en ik al regelmatig tegen elkaar, dat we blij waren met waar we wonen. We hebben een ontzettend leuke paar dagen meegemaakt, maar alles ligt zo ver uit elkaar daar! Die eindeloze mijlen met niets hebben wel wat, maar alleen om het eens mee te maken. Geef mij maar de oostkust, waar het weliswaar druk bevolkt is, maar waar alles ook lekker dicht bij elkaar ligt!
We moeten aardig lang op onze bagage wachten. Om middernacht kwamen er vier vluchten tegelijk aan, is het excuus, alsof dat niet van tevoren bekend was. Kai heeft zijn koffer al vrij snel, maar die van mij komt zo ongeveer als laatste. Ik was al bang, dat hij er niet zou zijn, dus ben blij, als ik het oranje gevaarte zie.
Buiten mocht Rick van de politie niet wachten. Ze zijn daar heel streng in. Hij moest dus rondjes blijven rijden, omdat onze bagage zo lang duurde. Toevallig komt hij net aanrijden, als wij naar buiten lopen.
Onderweg en thuis vertellen we Rick over onze avonturen, al heeft hij die gaandeweg al gehoord. Het was deze week makkelijker om hem op de hoogte te houden, omdat we ons in de VS bevonden. Ik heb echt genoten van deze bijzondere reis met mijn bijna negentienjarige zoon. Hoeveel moeders krijgen zo'n kans?
Zondag
Aangezien we gisteravond pas om twee uur in bed lagen, slapen we flink uit vanochtend. De vogels wekten mij eigenlijk al vroeg, maar al doezelend houd ik het toch tot na tienen uit.
Rick is iets eerder op en gaat meteen naar Starbucks. Grappig genoeg hadden ze gisteren de spinaziewrap niet, dus die smaakt vanochtend weer erg lekker.
Het is heerlijk weer, hoewel helaas niet zo warm, als het hier donderdag en vrijdag was (25 graden toen). Rick gaat in de tuin werken en vraagt Kai en Saskia hem te helpen. Nadat ik ben uitgepakt, ga ik naar de sportschool.
Daar ben ik van plan een uur op de crosstrainer te doen. Jeanne, mijn buurvrouw twee deuren verderop, staat op de machine naast mij. We kletsen even bij. Zij zegt, dat het zo leuk was, dat Saskia brownies had gemaakt voor haar Cameron, die donderdag zestien werd. Inderdaad is de al jarenlang durende vriendschap van Saskia met Cameron en zijn broer Parker best bijzonder.
Al lezend gaat het uur snel voorbij. Ik neem mijn telefoon bijna nooit mee, als ik ga sporten, dus ben verbaasd, als het hele gezin me bij thuiskomst begroet met "He, he, daar ben je eindelijk!". Niets bijzonders, maar ze wilden lunch gaan halen bij Noodles en wisten niet, wat ik zou willen.
Nu ben ik heel actief op Foursquare.com en Rick ook, dus zag hij zo, wat mijn favoriete gerechten daar zijn. Alleen kwam dat wat te laat, want hij had al een vegetarische sandwich besteld voor mij. Het smaakt prima, dus geen klachten hier.
Saskia heeft de afgelopen week met Rick een aantal zakjes met zaden uitgekozen om in de voortuin te zaaien. Kai wil haar daar wel mee helpen, dus met zijn tweeen planten ze van alles. Ik lees intussen mijn boek uit in het zonnetje voor. Ik mag geen foto's van de twee tuiniers nemen, dus geniet maar van hun samenwerken.
Rick heeft Saskia beloofd, dat ze vandaag voor het eerst mag rijden in zijn auto. In juni is zij oud genoeg (oef!) om haar Learner's Permit te halen en dan zijn wij ouders weer eerst officieel de rijleraar en -lerares.
Katja en Kai waren zeventien, toen ze begonnen, eerder hadden ze geen interesse. Saskia daarentegen is er nu al aan toe, drie maanden voor ze wettelijk mag. Kai en ik gaan ook mee naar de parkeerplaats bij Wolf Trap, waar "iedereen" met hun kinderen oefent.
Ook vandaag zijn er een aantal andere ouders met hun kinderen. Ricks auto, de BMW, is niet bepaald de makkelijkste auto om te leren, vind ik. Toch lukt het Saskia om al gauw goed te kunnen sturen. Ze leer meteen, hoe het gas en de rem werken.
Na een twintigtal minuten neem Rick weer over. Ik bedenk me, dat ik maar zo'n drie maanden verwijderd ben van het autolerares gedoetje. Ik kan hopen, dat ze haar theorie niet haalt, maar bij Saskia is dat onwaarschijnlijk.
Thuis maken we ons snel klaar voor het avondeten. Dit is Kai's laatste avond thuis. Hij kiest de Mad Fox Brewing Company om te gaan eten. Kai en ik bestellen beiden de pizza met vijg en balsamische azijn, erg lekker!
Saskia vindt de keuze moeilijk, want ze wil haar dieet aanhouden. Een paar stukken gewone kaaspizza moet goed zijn. Rick heeft een enorme pizza, waarvan hij maar de helft eet en de rest mee naar huis neemt.
Het is een gezellige maaltijd. Kai en Saskia kunnen het altijd zo goed met elkaar vinden tegenwoordig, erg leuk om te zien. We kijken naar de basketbalwedstrijd tussen Kai's school VCU en Purdue University. VCU wint uiteindelijk, erg leuk, want het is maar een onbekende school. March Madness kan de school veel bekendheid leveren.
Morgen gaat Kai terug naar school. We hebben een leuke week gehad samen. Ik weet niet, wanneer Alaska zal volgen, maar ik hoop snel. Dat is allemaal aan Rick, ik heb niets te zeggen over mijn vijftigste verjaardagscadeau, al kan ik wel hints geven.
In de reacties op mijn vorige blog las ik vooral de vraag of Rick en ik Nederlands spreken met de kinderen en of de kinderen ook Nederlands spreken. Ik heb dat, volgens mij, al eens besproken, maar hieronder het hele verhaal.
Toen Rick mij ontmoette, woonde ik gedwongen (visum etc.) met mijn ouders, broers en zus. Mijn broers waren college studenten in Canada, dus hen zag hij niet zo vaak. Mijn zus is tien jaar jonger, dan ik, en was dus nog thuis. Ik woonde met mijn vriendin Melanie in de kelder van mijn ouders. Voor mij visum moest ik bij familie wonen.
Rick leerde dus al heel wat Nederlands, als hij gewoon bij ons op bezoek kwam. Hij was vastbesloten te begrijpen, waar wij over spraken en leerde onvoorstelbaar snel! Hij stond er ook op, dat we van het begin afaan Nederlands zouden spreken tegen onze kinderen.
Lang verhaal kort, de kinderen, die nu tweederde volwassen zijn, spreken goed Nederlands, weliswaar doorspekt met anglicismen, maar dat kan snel verholpen worden. Aangezien mijn Noord-Amerikaanse neven en nichten enkel Nederlands verstaan, maar het niet spreken, geef ik Rick een groot applaus, want zijn Nederlands spreken heeft de doorslag gegeven.
Nu spreken Rick en ik onderling Engels, Kai en zijn zussen ook, Katja en Saskia spreken Nederlands met elkaar en Rick en ik zoveel we kunnen Nederlands met de kinderen. Hopelijk maakt dat het allemaal duidelijk, ha ha.
De laatste foto's van het reisje met Kai staan hier (ook van het Kansas City gebouw, toch interessant).
Ons weer:
zondag, maart 20, 2011
De terugreis en een lekkere lentedag
Gepost door
Petra
op
22:34
12
reacties
Labels: Kansas, Missouri, reizen, restaurant review, toeristisch
vrijdag, maart 18, 2011
Ziplining away!
Dit is de enige dag van deze reis, dat we niet weer in hoeven te pakken om verder te rijden. We hebben gisteravond dus besloten lekker uit te slapen en het rustig aan te doen.
Om kwart over negen ben ik echt klaar wakker, dus ga wat computeren. Zin om te gaan fitnessen heb ik niet vanochtend, hopelijk krijgen we straks bij de ziplijnen wat beweging. Ik vind het al knap, dat ik tot nu toe iedere dag trouw mijn halve uurtje heb gedaan (even op eigen schouder kloppen, ha ha).
Kai slaapt maar door en door. Tot ik de tijd toch wel een beetje vind gaan dringen. Ik weet, dat hij met gemak tot in de middag slaapt, dus maak hem toch maar wakker. Het restaurant beneden serveert tot elf uur ontbijt en daar willen we graag brunchen.
Pas om kwart voor elf nemen we plaats aan tafel. Ik begin een beetje nerveus te worden, want we moeten om half twaalf inchecken voor onze zipline tour en dat adres is niet op de GPS te vinden. Ik weet dus niet, hoe ver weg het is.
Het neemt allemaal nogal wat tijd in beslag voor onze maaltijd, dus ik maan Kai tot snel eten. Daar ergert hij zich duidelijk aan, maar die ziplines zijn niet bepaald goedkoop en ik wil er dus absoluut op tijd zijn.
Na de auto van de valet terug te hebben gekregen, voer ik een nabij adres in de GPS. Gelukkig blijkt de Branson Zipline and Canopy Tours maar een kwartiertje rijden te zijn. Kai en ik hebben een reservering voor de Xplorer tour om twaalf uur.
We hebben een half uurtje voor we vertrekken en kijken wat rond in de winkel. Bij het opstaan was het zonnig en toen we de auto ophaalden lekker warm. Er werd 25 graden voorspeld. Kai en ik zijn daar dus op gekleed.
Gelukkig stappen we even naar buiten om naar de ziplines te kijken. Niet alleen is het nu bewolkt, maar een stuk koeler opeens met een fikse wind. Dat ga ik niet redden in mijn capri broek en topje met driekwart mouwen.
Kai heeft zijn sweatshirt in de auto liggen, maar ik niet. Ben ik even blij, dat de winkel ook kleding verkoopt! Ik vind een leuk groen regenjack met het Branson Zipline logo erop voor een zeer redelijke prijs. Dat zal ook de wind wat tegenhouden. Het zal een van de beste aankopen, die ik ooit heb gedaan, worden!
Precies om twaalf uur worden we bij de gidsen geroepen. Onze groep bestaat uit acht mensen. Behalve Kai en ik zijn er een zestienjarige jongen uit Oklahoma, een moeder met haar dochter en zoon uit Texas en een stel vriendinnen uit Little Rock, Arkansas. Wij zijn dus de verste reizigers.
Grappig is, dat in de winkel een vrouw, die Kai en mij Nederlands hoorde spreken, al wist welke taal dat was. Zij had een aantal jaren geleden met haar moeder in Nederland gewoond. Ook de mannelijke gids, Ed, pikt de juiste taal meteen. Hij heeft veel in kampen gewerkt met o.a. Nederlandse kampleiders. Hoezo Amerikanen weten nooit iets over Nederland?
Van onze groep ben ik de enige, die al eerder "gezipt" heeft. De gidsen zijn zeer geinteresseerd in mijn ervaringen in Mexico, vooral Ed, die zelf ook een aantal ziplines daar heeft gedaan. Zo gek te bedenken, dat het maar een week en een dag geleden is, dat ik in de canyon van lijn naar lijn zipte!
Deze organisatie is vele malen professioneler, dat is zeker. Het ziet er allemaal super uit en de uitrusting is vrijwel nieuw. Dit keer geen gekke handschoenen, maar zoals in Puerto Vallarta een paar handvaten om straks aan vast te houden.
Met een soort militair busje worden we de berg opgereden. Wat ook leuk is hier, is dat de gidsen over de geschiedenis van deze Wolfe Creek Preserve vertellen. Deze stamt uit de laat 19e eeuw, toen er een zilvermijn was gelegen.
Op iedere toren krijgen we een geschiedenislesje en een lesje over de wilde dieren, die hier voorkomen. Ik had er geen idee van, dat armadillo's in Missouri zo gewoon zijn. Dan denk ik toch meestal aan Texas.
Voor Kai is dit de eerste keer op de ziplines en hij vindt het duidelijk super leuk. Bij iedere landing krijg ik van Ed te horen, dat het te zien is, dat ik dit eerder heb gedaan. Inderdaad voel ik bij deze lijnen aan, wanneer ik moet afremmen en wanneer niet. Het gaat heel lekker.
Erg jammer is, dat camera's absoluut verboden zijn op de tours. Ik heb stiekem een paar foto's genomen, maar ik had gehoopt Kai's eerste zip vast te leggen. Duidelijk willen ze hun eigen foto's verkopen. Die worden met een cameraatje genomen, dat letterlijk uit elkaar valt. Ik ben heel benieuwd of we daar ook maar een leuke foto uit gaan krijgen, heel jammer.
Na drie lijnen is het tijd voor een pauze. Alweer iets, wat je in Mexico niet tegenkomt. Geen wonder, dat die zeven ziplines drie uur zullen duren! Maar de navelsinaasappels zijn erg lekker en er is een groep voor ons, waar we toch op moeten wachten.
Na de pauze lopen we via zes bruggen tussen de bomen naar het volgende platform. Dat is wel speciaal aan deze tour. Het heet "ziplines and canopy tour". Dit is het canopy gedeelte en we lopen bij elkaar over tien van die hangende (en erg schommelende en nauwe!) bruggetjes.
Een groot deel van de groep heeft zich ook opgegeven voor de "Blue Streak", een heel hoge en lange zipline met na afloop een vrij val van 30 meter. Ik zag Kai's ogen al oplichten, toen ze dat vertelden, dus ik vraag Ed of wij ons daar alsnog voor kunnen opgeven.
Hij moet kijken of er plaats is, want het is druk vandaag. Om drie uur zijn we terug op begane grond en we kunnen mee met de Blue Streak. We moeten hiervoor nog meer dingen aan en gaan dan weer met het militaire busje naar boven.
De toren, die we nu opgaan, is verreweg de hoogste. Inmiddels waait het flink en is het zeker niet de beloofde 25 graden! Ik schat het meer tien graden met een wind door merg en been. We staan allemaal te klappertanden op het platform. Voor de zoveelste keer vandaag zegen ik mijn aankoop van de regenjas, die houdt de wind tenminste nog een beetje tegen.
Door de wind, die op deze ziplijn tegen is, haalt bijna niemand het eindpunt zonder hulp. We moeten allemaal in een "canon ball" positie naar beneden. Dat betekent je helemaal tot een bal maken, zodat er zo min mogelijk wind resistentie is. De arme jongen (van Kai's leeftijd) aan de andere kant heeft al meer dan twintig mensen moeten terughalen, heel zwaar armwerk. Kai heeft meteen besloten, dat dit geen zomerbaantje voor hem zou zijn.
Kai moet gehaald worden, al doet hij een heel goede cannon ball. Ik ben vastbesloten het platform te halen. Ik maak mezelf zoveel mogelijk in een bal, maar haal het net niet! Gelukkig vang ik wel het koord, dat me toe wordt gegooid, wat me grote dankbaarheid van de jonge gids oogst. Voor mij hoefde hij zijn armen niet te gebruiken. Uiteindelijk ben ik een van de vier uit een groep van veertien, waarvoor dat niet nodig was!
Dan volgt de voor mij grootste uitdaging van vandaag. De enige manier om naar beneden te komen is een vrije val van meer dan dertig meter. Dit is de hoogste vrije val in Amerika wordt ons verteld. We worden aan een kabel gehaakt, die vastzit aan dezelfde machine, die in Europa wordt gebruikt om parachutespringers e.d. te trainen.
Kai gaat voor mij en doet het allemaal heel rustig. Ik probeer niet teveel na te denken, ik heb tenslotte vele jaren geleden ook parachute gesprongen (hoe ik dat ooit gedurfd heb?).
Daar sta ik dan op dat platform met niets voor me. Een rustige stap vooruit zegt de gids en dat doe ik dan maar. Dertig meter is eigenlijk niets, net boven de grond gaat het langzamer en ik kom prima neer.
Een vrouw van mijn leeftijd neemt later zeker een kwartier voor ze durft te springen en zij wordt zelfs door de gids geduwd. Ik kan het me eigenlijk heel goed voorstellen, want het is best een mentale horde om overheen te stappen.
Nadat we onze spullen hebben uitgedaan mogen we eindelijk de warme winkel in. Daar kijken we naar de foto's en betaal ik voor de Blue Streak. Niemand, die daarnaar vroeg, dit is helemaal op het "honor system", wij hadden zo kunnen vertrekken zonder te betalen, merkt Kai op. Dat is zo, maar ik zeg hem, dat dat net als uit een winkel stelen zou zijn, dus we betalen netjes.
De foto's zijn inderdaad niet om naar huis te schrijven, maar ik wil toch wel bewijs, dat Kai en ik deze middag hebben meegemaakt. We kiezen drie foto's uit, een van ons samen, een van Kai op de zipline en een van mij op de zipline.
Dan zit na meer dan vijf uur ons zipline avontuur erop. Ed, de gids, vertelde mij, dat er ook een aantal nieuwe ziplines in ons gebied zijn. Daar ga ik zeker naar op zoek, want Rick zou dit ook heel leuk vinden en Saskia, als we haar eenmaal meekrijgen, ook.
In het hotel probeer ik mijn netbook aan de praat te krijgen, maar dat lukt absoluut niet. Dit alles schrijf ik dus op Kai's laptop. Ik hoop niet, dat dit het einde van mijn netbook is, want die is zo lekker licht om mee te reizen. De hard drive doet echter niets.
Onze laatste maaltijd was voor we naar de ziplines vertrokken vanochtend, dus we hebben al flinke trek. We hebben de gidsen vandaag ondervraagd over de beste restaurants en daar kwam Bleu Olive uit.
Dat restaurant ligt op nog geen vijf minuten lopen van ons hotel. Veel van de restaurants hier zijn niet echt mijn ding, moet ik toegeven. Ik houd niet van de zware "traditionele" (lees zuidelijke) Amerikaanse kost. Verder is de keuze meestal Italiaans (ook te zwaar) of Mexicaans (zwaar en te vaak gegeten). Ik was dus blij iets anders te vinden hier.
Het menu maakt me helemaal blij. We beginnen met een bord met hummus, tapenade, tsatsiki en andere dipsauzen en lekker warme pita. Als hoofdgerecht neemt Kai de tempura tilapia, die er lekker uitziet. Ik heb de "plaki" bereide vis van de dag "fluke" (geen idee, wat die in het Nederlands heet). Die wordt met spinazie en tomaat geserveerd en ik vraag om orzo, in plaats van risotto. Het is allemaal heerlijk.
Dit wordt de duurste maaltijd van deze reis en is nog niet echt heel duur. Ik grap met Kai, dat hij een "cheap date" is. Feit is, dat hij net zo blij is met een hamburger, als met een luxe maaltijd. Dat is met zijn oudere zus (en om heel eerlijk te zijn mij) zeker niet het geval.
In het hotel probeer ik mijn netbook weer, maar niets. Balen! Gelukkig heeft Kai zijn laptop niet nodig en kan ik jullie dus het hele verhaal weer vertellen. Voor morgen is het weerbericht een stuk minder, dus ik hoop, dat de vier uur naar Kansas City zonder problemen gaan verlopen.
Deze dagen heb ik een aantal goede gesprekken met Kai gehad. Hij denkt erover zijn major naar Anthropology te veranderen. Dat vindt hij erg interessant. Ik ben wel benieuwd, hoe dit verder gaat. Zo pratend blijken we enorm veel interesses gemeen te hebben. Anthropologie was een van de studierichtingen, die ik vroeger overwoog. Achteraf gezien zou ik willen, dat ik die gekozen had.
Foto's zijn er vandaag niet, want ik heb er maar een paar kunnen nemen en die moet ik thuis online zetten. Hopelijk kan mijn netbook gemaakt worden.
Gepost door
Petra
op
22:22
14
reacties
Labels: Missouri, reizen, toeristisch, ziplines
donderdag, maart 17, 2011
Dagje "Natural State", nu in de "Show Me State"
Misschien is het toch maar beter om geen heel donkere gordijnen te krijgen voor onze kamer. Mijn horloge heeft geen verlichte wijzers en de wekkerradio hier is ook niet verlicht. Tussen zes uur en half negen ben ik telkens wakker, me afvragend hoe laat het is. Ik wil me niet verslapen, want we hebben ook voor vandaag een aantal plannen.
Om vijf over half negen maak ik Kai ook wakker. We gaan eerst beneden ontbijten. Het ontbijt bij de Hampton Inns is gratis en meestal erg goed. Ook vanochtend is er een ruime keuze, verse wafels, verse fruitsalade, cereals, roerei en meer. Alleen smaakt de fruitsalade bitter door de grapefruit, het roerei kurkdroog en is het wafeldeeg op.
Bepaald niet het beste Hampton Inn ontbijt, dat we hebben gegeten (dat behoort nog steeds aan degene in Rapid City, South Dakota), maar we doen het ermee. De koffie maakt veel goed. De "bold" selectie is lekker sterk, precies goed voor mij.
Terwijl Kai doucht en inpakt, ga ik naar de fitnesskamer. Ook daar is de apparatuur minder, dan bij andere Hampton Inns. Er is een crosstrainer van een onbepaald merk, maar dat is alles, wat ik nodig heb. Tijdens het halve uur zweten lees ik mijn boek uit. Helaas het laatste van deze serie tot nu toe, morgen begin ik aan een andere serie.
Katja heeft vandaag een spannende dag, want ze moet voorkomen voor haar ongeluk met haar Kevertje. Ze kreeg daarvoor een bon voor "roekeloos rijden" en daarvoor moet iedereen hier naar het gerecht. Van anderen kregen we het advies een advocaat in de arm te nemen, want zonder weet je maar niet, wat er gaat gebeuren.
Het is een beetje een stokpaardje van mij, maar ik vind het (verkeers)gerecht hier dus om te huilen. Toen ik door een dronken bestuurster werd aangereden, was de rechter in een goede bui en kwam zij met niets weg. Een dronken bestuurder verwondde de bejaarde ouders van mijn vriendin zodanig, dat hun leven nooit weer hetzelfde zal zijn, hij kreeg voorwaardelijk. Katja heeft natuurlijk een fout gemaakt, maar de potentiele straf vind ik buiten proporties.
Enfin, ik zal niet verder in detail treden. Vandaag moet ze dus voorkomen en haar advocaat probeert eerst een overeenkomst te treffen met de politieagent, die haar bon schreef. Dat lukt niet, sms-t ze mij. Dan moet ze dus voor de rechter verschijnen.
Na mijn sporten heeft Katja gelukkig goed nieuws. Het ging zelfs beter, dan haar advocaat had verwacht. Omdat Katja als vrijwillige EMT werkt en verder een heel goede studente en burger is, krijgt ze een jaar voorwaardelijk en 50 uur community service (vrijwilligerswerk, maar haar werk op de ambulance telt daar niet voor).
Het goede daarvan is, dat er geen permanente punten op haar rijbewijs zullen komen, wat ook fijn is voor onze verzekering, die dan niet omhoog zal gaan. We zijn dus blij met het resultaat en het feit, dat we een advocaat hebben ingehuurd.
Als ik ook weer schoon en ingepakt ben, checken we uit en doen de bagage in de auto. Het verbaast me iedere keer weer, hoe snel we klaar kunnen zijn, ook als we met zijn allen reizen. We hebben met de jaren geleerd "makkelijk" te reizen.
Vandaag gaan we de "Natural State" bezoeken, dat is de bijnaam van Arkansas. Ik stel de GPS in op Eureka Springs, wat onze serveerder in het Hard Rock Hotel aanraadde als een leuke plaats.
De weg erheen is mooi, heel bochtig door het Ozark gebied. Net voor Eureka Springs zien we een bord voor Pivot Rock, die ook door Ripley's (Believe It or Not) beschreven is. We rijden er voorbij en ik vraag aan Kai of hij geinteresseerd is. Dat is zo, dus ik draai om.
Via een eng, smal (ik voorkom ternauwernood een botsing met een tegenligger, die iets te snel de bocht om komt) weggetje rijden we erheen. Binnen betalen we de $4,50 per persoon en lopen dan het pad op. Dat loopt steil naar beneden. Helaas is het nog steeds bewolkt en ook nog winters in de natuur, maar het is een heerlijke temperatuur en we zien groene knoppen aan de bomen.
Pivot Rock is inderdaad een bijzondere formatie. Een enorm wijde rots lijkt te balanceren om een dun "been". Er is een familie met een kleintje en de man biedt aan een foto van ons beiden te nemen. Dat is altijd wel leuk, dus we poseren.
Kai wil graag nog verder het bos in wandelen en dat vind ik prima. We hebben geen haast vandaag, want we hoeven maar iets meer dan honderd mijl te rijden bij elkaar. Kai vindt stenen van hetzelfde soort, als waar de Indianen gisteren pijlpunten van maakten. Hij probeert die ook scherp te maken en dat lukt redelijk.
De rotsen, waar we langslopen, hebben een bijzondere formatie. Het lijken een heel aantal vlakke rotsen op elkaar gestapeld. Kai ziet de uitdaging en probeert op een van de rotsen te klimmen. Dat lukt, maar hoe nu weer naar beneden, want de rots is meer dan twee keer zo hoog, als hij. Gelukkig is het aan de achterkant minder hoog.
Gepost door
Petra
op
23:25
16
reacties
Labels: Arkansas, Branson, Missouri, natuur, reizen, toeristisch
