Zaterdag
Gisteren stond er zo’n lange rij voor de Duomo (of officieel Santa Maria del Fiore), dat we besloten dat bezoek tot vandaag uit te stellen. Wetend, dat de kerk om tien uur opengaat, plannen we om half tien in de rij te gaan staan. We eten boven met Saskia ontbijt, maar zij heeft genoeg kerken gezien deze vakantie en blijft in de kamer op ons wachten. Kai daarentegen wil dolgraag naar deze kerk, want die komt ook in zijn Assassin’s Creed spel voor.
Eenmaal op het Piazza del Duomo zien we, dat er eigenlijk twee rijen staan, een voor de kerk en een voor de koepel. De laatste is al open, maar de rij is lang en lijkt niet snel te gaan. We hebben een druk programma voor vandaag en Kai wil liever de kerk zelf zien. Aangezien we gisteren al de Campanile hebben beklommen en zo dat zicht over Florence al hebben gezien, sluiten we in de rij voor de kerk aan. Jammer van de koepel, maar we moeten keuzes maken.
Ook hier weer moeten schouders en knieen bedekt zijn en worden mensen weggestuurd. Als je een sjaalverkoper bij de kerken in Italie bent, doe je goede zaken! Ik heb een van mijn lange rokken aan, want dat is ook nog eens lekker koel. Gisteren werd het hier 38 graden, dus ongeveer dezelfde temperatuur als het nu bij ons thuis is.
Na alle Rooms Katholieke pracht en praal van de afgelopen weken is deze kerk maar heel eenvoudig. De glas in lood ramen zijn het kleurigste gedeelte. Niets van de schilderingen of mozaieken in de andere kerken, behalve in de koepel, die we dus niet gaan beklimmen. Voor Kai is het wel erg leuk om wat hij in zijn spel al heeft gezien in het echt te bekijken.
Er is ook een trap naar beneden en daar blijken de afgravingen van de vorige kerk, die hier stond, Santa Reparata, te zien te zijn. De dom is daar gewoon overheen gebouwd. Dat vinden wij wel interessant, dus kopen kaartjes om erin te gaan. Hier zien we ook de graven van een paar vroege Medici familieleden. Ik had er eigenlijk geen idee van, dat die familie in de twaalfde eeuw al zo belangrijk was. Het is tijd, dat ik eens een boek over de geschiedenis van die familie lees.
Na de informatie in de catacombes uitgebreid te hebben gelezen, zeker aan te raden bij een bezoek aan deze kerk, lopen we weer naar buiten. Rick en de kinderen willen dolgraag naar Pisa om de toren daar te zien. Mijn herinnering, hoe lang geleden ook, daaraan is druk, vies en een tegenvaller. Ik had dus liever nog een dag in Florence doorgebracht, maar meeste stemmen gelden. Ik krijg tenminste nog wel mijn zin, dat we daarna wat door het Toscaanse landschap zullen gaan rijden.
Als Rick bij de receptie gaat vragen, of de auto gebracht kan worden, krijgt hij ook van de Italiaan daar te horen, dat hij gek is om helemaal alleen voor die toren naar Pisa te gaan, ha ha! Als het dan moet, aldus de receptionist, rijd dan verder naar Volterra en Siena, precies, wat ik had voorgesteld. Ik ben de man uiterst dankbaar, want nu weet Rick ook, dat die twee plaatsen de moeite waard zijn.
Helaas komen we onderweg naar Pisa een aantal keren in de file te staan, waardoor we later aankomen, dan gehoopt. Het is tegen elf uur en de volgende beschikbare tijd om de toren te beklimmen is na 16 uur. Daar willen we natuurlijk niet op wachten, maar Rick is ernstig teleurgesteld. Na wat overleg besluiten we te kijken of we alvast kaartjes voor morgen kunnen bestellen. Dat blijkt het geval en we kiezen tien voor half elf morgen. Het zal weer een vroege dag worden, maar ook de kinderen willen de toren graag beklimmen.
Nadat Rick nog een ultra-toeristische, iedereen doet het, foto van mij, die de toren “omduwt” heeft gemaakt, verlaten we het gekkenhuis en lopen terug naar de auto. Inderdaad is er, behalve de wel erg indrukwekkende, dat moet gezegd, middeleeuwse kerk, waar de hellende toren deel van maakt, niets leuks of moois hier. Enkel souvenirstandjes en Afrikanen, die valse Rolex horloges en andere “merk”produkten proberen te verkopen.
Het loopt inmiddels al tegen enen en we hebben trek. Niet wetend, wat er nog op onze weg komt, stoppen we net voor de snelweg bij een café, dat bij een hotel hoort. Hier is het kennelijk net heel druk geweest, want alle tafeltjes zijn vies. Een onaardige serveerster snauwt ons toe te wachten tot zij klaar is en maakt dan niet maar een tafeltje schoon voor ons, maar begint eerst alles op te ruimen. In de vitrines liggen nog maar enkele broodjes en we beginnen onze beslissing hier te stoppen te betwijfelen.
Net als we besloten hebben toch maar verder te gaan, wordt ons een tafeltje toegewezen. Ok, dan maar toch, want we hebben echt lege magen. Dan worden ons letterlijk de menu’s toegeworpen, die zeer beperkt zijn. Van harte gaan we hier niet eten, het is, dat de magen protesteren. Vooral als de serveerster even later heel ongeduldig komt vragen, wat we willen, kunnen wij ook niet vriendelijk blijven.
Als Rick iets aan mij vraagt en de serveerster hem “What?” toesnauwt, heeft zelfs de anders zo zachtaardige Amerikaan het gehad en bijt haar toe, dat hij het tegen mij had. Opeens bindt ze wat in en wordt vriendelijker. Rick bestelt een broodje en Kai, Saskia en ik nemen maar weer eens een Caprese salade. Meestal heb ik bij ons Oud en Nieuw buffet mozzarella en tomaat spiesjes, ik denk niet, dat ik daarvoor nog ergens een caprese salade zal bestellen, zoveel heb ik er op deze vakantie!
Enfin, de magen zijn gevuld en we zetten onze tocht voort naar Volterra. We betreuren het feit, dat ik onze Italie gids naast mijn bed thuis heb laten liggen. We weten nu niet, wat er zo bijzonder is aan Volterra en hopen het ter plaatse uit te vinden.
De weg erheen is in ieder geval schitterend, precies, wat ik van Toscane had verwacht. Glooiende heuvels met huizen met rode daken, wijngaarden, gele velden vol zonnebloemen en olijfboomgaarden. We (lees Rick en ik, want de anderen luisteren naar hun muziek en zijn in hun eigen wereld) genieten van de omgeving en na de snelweg de kronkelende weggetjes.
In Volterra parkeren we aan de voet van het dorpje in de garage. Dat is wel heel fijn hier in Italie, bij alle toeristische dorpjes is een flinke parkeergarage gebouwd. Als we naar buiten komen, zien we een bruid in de schaduw aan de overkant wachten. Voor de kerk staat ook een groot gezelschap mooi aangeklede mensen, die duidelijk op haar aankomst wachten. Saskia en ik willen wachten tot “ze” komt, maar de mannen willen door.
Volterra blijkt bekend om zijn alabaster en er zijn allerlei winkels, waar je het zo gek niet kunt bedenken, of het is in alabaster te krijgen. Denk aan allerlei vruchten, bakjes, eieren en allerlei huishoudelijke artikelen. Kai ziet ook een paar middeleeuwse wapens, waar hij in is geinteresseerd, vooral een mini kruisboogje. Alleen zijn ze allemaal al stuk, dus hij koopt er geen. Rick en ik kopen een alabaster peper en zout stelletje.
Er zijn allerlei oude dingen te bezoeken in dit stadje, maar de wegwijzers zijn moeilijk te volgen. Saskia en ik zoeken onverrichterzake naar een wc bijvoorbeeld. Ik vraag het twee keer en het moet ergens in de hoek zijn, maar wij vinden hem niet. Omdat we ook nog door naar Siena willen, besluiten we terug te gaan naar de auto. Daar blijkt, dat in de garage ook een wc aanwezig is, wij weer blij.
Overigens had ik in een lijst van 100 dingen, die je moet weten, voor je naar Italie gaat, gelezen, dat er vaak geen toiletpapier aanwezig is in openbare toiletten. Italiaanse dames zouden daarom altijd een pakje papieren zakdoekjes in hun handtas hebben. Dat advies heb ik opgevolgd en ik ben er dankbaar voor, want inderdaad kwam het een aantal keren voor, dat er geen papier was (en in een hotel hadden we te weinig wc papier!).
Andere dingen in die lijst waren o.a., dat Italiaanse mannen langs de weg plassen (meerdere keren gezien) en de deuren openen omgekeerd met de VS (dat is misschien met Nederland ook zo). Ik zit erover te denken zo’n lijst van 100 dingen voor de VS te maken, misschien ook wel handig voor reizigers.
De weg naar Siena is nog mooier, dan die naar Volterra. Nu rijden we door het gebied, waar de Chianti wijn wordt geproduceerd. Overal zien we wijngaarden, maar ook weer de vrolijke zonnebloemen en typische olijfbomen. Ik ga eens op zakjes zonnebloempitten kijken of ze uit Italie komen, prachtig die gele velden! We rijden nu “Under the Tuscan Sun” en die is heet! De thermometer van de auto wijst 37 graden aan.
Tegen half zes komen we in Siena aan. Ook daar parkeren we in een garage bij “Il Campo”, het centrale plein. Wederom weten we hier niet zo goed, wat er te zien en doen is. We lopen naar Il Campo en fotograferen de kerk, die er in het late middaglicht prachtig uitziet. Duidelijk is ook hier een bruiloft gaande en als het bruidspaar naar buiten komt, wordt er rijst gegooid en applaudisseert het hele plein. Erg leuk!
We kijken wat rond en de caprese salades zijn allang weer verteerd, dus we besluiten op een terrasje aan dit plein te eten. Het wordt La Speranza met direct zicht op de kerk, waar niet veel later nog een bruidspaar uitkomt. De serveerder is hoogst charmant en zeer onder de indruk van mijn kennis van het Italiaans.
Hij komt uitgebreid vragen, waar ik die taal heb geleerd en ik vraag, hoe hij zo goed Engels spreekt, want ik hoorde hem net met een groepje Amerikaanse vrouwen converseren. Hij blijkt student te zijn en een “study abroad” (net als Katja nu in Ecuador) in Boston te hebben gedaan. Hij weet ook, waar Virginia ligt. Ik vertel hem, dat hij de eerste hier in Italie is, die dat weet, en dat doet hem duidelijk goed.
Het eten hier is ook nog eens “benissimo”. Ik ben helemaal blij, als ik lamstartaar op het menu zie staan. Dat wordt aan onze tafel bereid met allerlei ingredienten en kruiden. Het wordt geserveerd met een salade en is superlekker! Kai en Rick nemen pizza en Saskia een Toscaanse groentesoep, waarvan ze zegt, dat het het beste maal van de hele vakantie is.
Eigenlijk had ik nog een paar uur hier in Siena willen rondkijken, maar onderweg kwamen we langs Monteriggioni en dat is een miniem middeleeuws dorpje, dat Kai ook uit Assassin’s Creed kent. Hij is heel erg teleurgesteld, dat we er niet zijn gestopt (maar zei dat pas bij aankomst in Siena). Aangezien Rick en ik heel erg willen, dat ook de kinderen een fantastische herinnering aan deze reis hebben, besluiten we in plaats van Siena verder te verkennen terug naar Monteriggioni te gaan.
Op de terugweg naar de auto komen we in een of andere demonstratie over vrouwenrechten terecht. Een menigte komt de heuvel op met roze ballonnen, muziek, spandoeken en Carabinieri, een van de Italiaanse politieeenheden. We nemen foto’s en banen ons een weg tegen de richting in. Een man met een filmapparaat begint mij te filmen en wijst dan op mijn fototoestel en hemzelf. Ik neem dus maar een foto van hem. Wie weet, waar mijn tronie straks nog te zien zal zijn!
Monteriggioni ligt maar een zestiental kilometers of zo van Siena, dus we zijn er zo. Alleen blijkt er een groot evenement bezig te zijn en we worden een enorme parkeerplaats opgeleid. Rick heeft geen zin om naar boven te gaan en Saskia ook niet. We spreken af, dat zij rond blijven rijden en dat Kai en ik naar boven gaan. Ik zal Rick dan bellen, als we klaar zijn.
Het dorpje is omringd door een eeuwenoude muur met torens. Eerst dacht ik, dat het een kasteel was, tot Kai vertelde, dat binnen die muren een dorpje ligt. Het evenement blijkt het Festa Medievale te zijn, waarvoor we tien euro per persoon moeten betalen. Nu we hier eenmaal zijn, doen we dat ook maar en lopen met de meute mee de poort, die door twee “middeleeuwse” wachters wordt bewaakt, door.
Daarna wanen we ons echt een half milennium terug. Dit dorpjes is in de dertiende eeuw begonnen en alles is er eeuwenoud. Vandaag zijn heel veel mensen ook nog eens gekleed in costuum, waardoor Kai zich letterlijk midden in zijn spel voelt. Twijfelde ik nog even over de tien euro, kijkend naar mijn zoon, die helemaal in zijn element is, is het die helemaal waard. Hij verzucht ook, dat hij geen andere souvenir hoeft, dit is het voor hem.
Net voor we weer naar buiten lopen, ziet Kai een man verkleed in het costuum van de Assassin. We nemen foto’s van hem en ik vertel de Italiaan, dat Kai hier is, omdat hij zo gek is van Assassin’s Creed. Dan heeft hij in mij een lotgenoot gevonden, antwoordt hij. Hij blijkt ook Engels te spreken en kletst even met Kai over het spel.
Met een zeer tevreden Kai loop ik de poort weer uit, klaar om Rick te bellen. Alleen zit er geen telefoon in de houder van mijn tas! Die moet dus nog in de auto liggen. Even raak ik in paniek, want hoe vinden we elkaar tussen al die massa’s van auto’s terug en straks wordt het donker!
Gelukkig heeft Rick inmiddels al geprobeerd mij te bellen en mijn telefoon gevonden, dus hij weet, dat hij op de uitkijk moet zijn voor ons. Wij staan bovenaan de heuvel, dus hij ziet ons al gauw en zwaait. Eind goed, al goed!
Het loopt al tegen tienen, als we weer bij het hotel aankomen. Wat een volle en mooie dag weer! Vermoeid gooien we ons op ons bed neer, want morgen moeten we weer heel vroeg op.
Zondag
Om zeven uur gaat de wekker alweer. We hebben kaartjes voor de toren van Pisa voor tien voor half elf en willen daar ruim op tijd voor zijn. We eten ontbijt en checken uit het hotel. Qua slaapgelegenheid was Pensione Pendini onze favoriet. We hadden twee slaapkamers en de air conditioning werkte supergoed.
Al met al zijn ons de vierpersoonskamers in de hotels zeer goed bevallen. De kamers waren niet groter, dan de standaard Amerikaanse hotelkamer, maar hadden allemaal vier eenpersoonsbedden (voor Rick en mij aan elkaar geschoven). Dat slaapt veel fijner, dan twee queen size bedden, zoals meestal in de VS, vooral voor de kinderen. Alle hotels, waar we hebben gelogeerd, inclusief deze laatste nacht in Rome, waren goed te doen met zijn vieren op een kamer.
De auto wordt al gauw gebracht en dan nemen we weer afscheid van Florence. Wat een prachtige stad, waar we de hoogtepunten van gezien hebben, maar waar ik best wat langer had willen verblijven. De anderen hebben dat gevoel echter niet, maar voor hen is Florence ook minder bekend, dan Rome of Venetie.
Dit keer bereiken we Pisa zonder oponthoud en zijn dus rijkelijk vroeg. Het is er een stuk rustiger, dan gisteren, zo vroeg in de ochtend. Voor de toren staat de geschiedenis ervan op borden uitgelegd. Al vlak na het bouwen verzakte een kant ervan. Door dat schuine had het weer ook veel meer invloed op het verval, dan als het gewoon een rechte toren was geweest.
Op foto’s zie ik, waarom ik het me herinner als een vieze toren, terwijl hij er nu als nieuw uitziet. De afgelopen tien jaar is hij voorzichtig gerestaureerd en zijn er versterkingen aangebracht. Je zou inderdaad zo op het eerste gezicht niet zeggen, dat deze toren al bijna duizend jaar staat.
Nadat ik mijn tas in een kluisje heb gedaan, want er mogen alleen fototoestellen mee, gaan we naar boven. Het is een vreemde gewaarwording, zeker in het begin, want de vloer loopt gewoon scheef. De treden zijn enorm uitgesleten na vele eeuwen van bezoekers. Onderweg vragen we ons af, hoeveel treden we deze vakantie hebben gelopen. Met de verschillende torens, bruggen in Venetie en trappen in Rome schatten we meer dan duizend!
Halverwege worden we een platform op geleid en maken foto’s. Dan mogen we door naar het niveau va de klokken. Net als we daar staan horen we een berichtje in meerdere talen, dat de klokken zo gaan spelen. Gauw worden we naar de bovenste verdieping geloodst. Het is wel speciaal hier tijdens het klokkenspel te staan. Ik had verwacht, dat het veel luider zou zijn, maar misschien is het minder, omdat we erboven staan, want ik zie een van de medewerkers er vlak onder met zijn vingers in zijn oren staan.
Van bovenaf nemen we de nodige foto’s. Kai en ik ook van een paar van de mensen, die de toren proberen “om te duwen”, eentje zelfs met de voeten. Eenmaal weer beneden kopen we nog wat goedkope souvenirs. Rick een boek over de toren en een hellend shot glas voor Katja en ik een mok, die schuin staat. Ach ja, soms moet je gewoon kitsch doen.
Bij een kiosk koop ik een dik Italiaans tijdschrift om morgen in het vliegtuig te lezen en Kai een paar Duitse tijdschriften. Dan nog een koud drankje voor onderweg en we zoeken de auto weer op. De weg naar Rome loopt maar gedeeltelijk over de autostrada, maar is wel voornamelijk vierbaansweg. Bij tijd en wijle komen we vlak langs de kust.
Op de kaart volg ik onze route en zo weet ik, dat we op een gegeven moment in de verte Elba zien. Rick en ik vragen aan de kinderen, wat daar historisch belangrijk aan is en Kai weet, dat Napoleon erheen werd verbannen. Dat weet hij nog van zijn AP World History, een vak, dat Saskia volgend jaar zal nemen.
We reizen verder naar het zuiden en ik zie, dat we heel dichtbij Porto Ercole komen. Dat herken ik nog van de vele Prive en Weekend verhalen over de vakanties van de koninklijke familie daar. Niet ver ervandaan ligt Ansedonia vlak aan onze route en ook vlak aan het water. We gaan daar op zoek naar een lunchrestaurant, denken we optimistisch.
Het blijkt echter enorm druk en iedere parkeerplaats, die we tegenkomen, zit vol. Ook vinden we niet bepaald veel restaurants, al doen de bordjes anders vermoeden. Een restaurant adverteert veel, Il Pescatore, dus we gaan dat maar opzoeken. Er is daar gelukkig een prive parkeerplaats met plek en we kunnen meteen aan tafel. We hebben uitzicht op zee, dus helemaal goed. Het eten is ook lekker. Ik bestel eens gnocchi, die prima bereid zijn.
Het laatste stuk naar Rome verloopt vlot. Vermoedelijk omdat het zondag is, is de stad vrij rustig en zo vinden we ons centraal gelegen hotel ook al gauw. Bij Hotel Bolivar krijgen we weer een vierpersoonskamer. Dit keer is het op de begane grond, de eerste kamer nog wel. Handig, als we morgenochtend vroeg moeten uitchecken.
Rick gaat de huurauto terugbrengen en ik neem een snelle douche. Daarna volg ik voor het eerst deze vakantie de Italiaanse siesta gewoonte. Gewoon een half uurtje met de ogen dicht liggen doet wonderen, ik was zo moe!
Verfrist wandel ik Rick tegemoet, die de huurauto maar achter heeft gelaten, want het kantoor was dicht. Ze hadden een drop box voor de sleutel, dus dat moet goed zijn.
Wij hebben allebei zin om nog een laatste beetje Rome sfeer te proeven en een aperitiefje te gaan drinken, maar de kinderen willen op de kamer blijven. Prima. We zitten hier dichtbij het Forum en gaan in die buurt op zoek naar een restaurant. Dat vinden we in La Base, een gezellig, zeer te betalen, restaurant met een uitgebreid menu.
We bestellen een bruschetta met tomaat en prosciutto, Rick een biertje en ik mijn laatste Italiaanse Aperol spritz. Daarna bellen we de kinderen om ons hier te ontmoeten voor onze laatste Romeinse avondmaaltijd.
Kai en ik delen bresaola (heerijk gerookt vlees) met Parmezaanse kaas en arugola. Als hoofdgerecht neem ik een pizza met garnalen en zalm. Die is zo groot, dat ik voornamelijk de garnalen en zalm eraf eet, de rest kan ik niet op. De anderen genieten van hun biefstuk, die voor het eerst hier in Italie ook lekker is.
Na afloop bestellen de andere drie bij Flor nog een gelato. Ik neem van ieder een hapje, gewoon voor de smaak. Ik ben geen grote ijsliefhebster, maar de echte gelato smaakt toch wel prima hier in Italie. Toch hoop ik ooit terug te gaan naar de ijssalon in Amersfoort, want in mijn herinnering hadden ze daar het beste aardbeien- en citroenijs ooit. Ik weet niet eens of ze nog bestaan, trouwens.
Via het Forum, waar net het laatste avondlicht op valt, lopen we terug naar het hotel. Saskia blijft daar internetten, terwijl wij met zijn drieen het Colosseum bij avond gaan fotograferen.
We zijn niet de enigen, die dat willen doen. Slimme verkopers staan er zelfs met statieven te koop. Ik heb mijn Gorillapod mee, maar weinig plek om hem neer te zetten. Ik gebruik dus op hoop van zegen verkeersborden en lantaarnpalen om mijn camera zo stil mogelijk te houden. Rick gaat zelfs helemaal op de grond liggen met zijn Gorillapod, maar de energie daarvoor ontbreekt me. Ik zou niet meer opstaan, ha ha!
Na een uurtje zijn we klaar. We kopen nog wat flesjes water en nemen dan een taxi terug naar het hotel, want mijn voeten hebben het gehad en nog eens heuvel op teruglopen is me te pijnlijk. Ik hoop maar, dat mijn blaren de komende dagen de kans krijgen wat te helen, want zaterdag moeten mijn onderdanen de straten in Washington weer trotseren.
Katja is op MSN en we kletsen even snel bij. Daarna gaan de lichten snel uit, want de wekker is alweer voor zeven uur gezet.
Maandag
Om de een of andere reden ben ik al vroeg klaarwakker. Hoe vroeg weet ik niet, want het is zo donker in de kamer, dat ik mijn horloge niet kan lezen. Later blijkt, dat Rick en Saskia ook niet lang hebben geslapen. Toch voel ik me, in tegenstelling tot hen, wel uitgerust.
We pakken snel in en gaan dan ontbijten. Dit keer is het een meer Amerikaans ontbijt met roerei en spek, erg lekker. Helaas is er vandaag geen vers fruit. Toch grappig, hoe de ontbijten toch verschillen. Dit mag dan een viersterren hotel zijn, het ontbijt heeft minder te bieden, dan de andere plekken, waar we logeerden. Ik heb me wel voorgenomen ook thuis deze zomer meer vers fruit bij het ontbijt te hebben. Ook in ons gebied komen de perziken bijvoorbeeld van de plaatselijke boerderijen en hebben ontzettend veel smaak.
Al voor we op reis gingen had ik de taxi van en naar het vliegveld geregeld. Op onze voucher staat, dat we om tien over acht zullen worden opgehaald. Keurig op tijd staan we klaar, maar geen taxi. Ik bel het bedrijf en om de een of andere reden hebben ze onze reservering niet. Dat is wel heel vreemd, want bij aankomst stond onze terugrit ook op de lijst. Er wordt beloofd, dat de chauffeur er binnen het kwartier zal zijn.
Om half negen, twintig minuten later, zijn er wel twee taxi’s bij het hotel verschenen, maar geen van beiden van het bedrijf, waar wij voor betaald hebben. Het vliegveld is drie kwartier rijden, dus de tijd begint te dringen. Een van de taxi’s is groot genoeg voor al onze bagage en de chauffeur erg vriendelijk. We besluiten niet langer te wachten en het missen van onze vlucht te riskeren. De extra kosten hoop ik later terug te krijgen, want de afspraak werd niet nagekomen.
Vlot rijden we naar het vliegveld en onderweg heb ik nog een leuk Italiaans gesprek met de chauffeur. Het laatste in dit land, maar ik hoop de taal nu bij te blijven houden, hoe moeilijk dat in de VS ook is. Zoveel is teruggekomen tijdens deze twee weken, het zou zonde zijn het weer te verliezen. Kai heeft zijn taleninteresse duidelijk van mij, want ik zou nog wel veel meer talen willen spreken. Het heeft iets bijzonders om zoveel mensen te kunnen verstaan.
We worden bij terminal 3 afgezet en blijken van daaruit een shuttlebus naar terminal 5 te moeten nemen. Daar worden eerst onze paspoorten gecheckt en krijgen we de geijkte vragen of we zelf onze bagage hebben ingepakt etc. Daarna lopen we door naar de check in, die met onze Premier status lekker snel gaat.
Bij de veiligheidscontrole hoeven de schoenen niet uit, maar moeten wel, behalve de laptops, ook alle andere electronica in een apart zakje. Daarvan hebben we nogal wat, dus ik heb een paar zakken vol tegen de tijd, dat Kai en Saskia me hun telefoons, Zunes en fototoestellen hebben gegeven! Zoveel is electronisch tegenwoordig!
Na deze controle worden de paspoorten nogmaals gecontroleerd en dan worden we met nog een bus naar de gates gebracht. Ik verzucht tegen Rick, dat het maar goed is, dat we niet op die andere taxi hebben gewacht, want we hebben nauwelijks nog tijd om Duty Free te winkelen!
Gelukkig lukt dat nu wel, want ik wil een fles Aperol meenemen. Die drank is in de VS nog nauwelijks te krijgen, las ik online, maar bij een paar restaurants in DC. Ook neem ik er een fles Prosecco voor mee. Die kunnen we wel krijgen, maar zo heb ik een tijdje echte Italiaanse Aperol Spritzes op ons deck straks. Ik zie er nu al naar uit! Rick neemt een zakje Baci mee, gewoon voor het idee, want die zijn ruimschoots verkrijgbaar bij ons.
Al heel gauw is het tijd om aan boord te gaan. We hebben weer een raam en een gangpad plaats een rij achter elkaar in Economy Plus. Heerlijk, want het zal een vlucht van bijna tien uur worden, een van de langste achtereen, die ik ooit heb gemaakt (van Nederland naar Senegal vliegen is langer, maar dan stapten we herhaalde malen over). De crew is erg vrolijk en maakt veel grapjes, erg leuk. Saskia krijgt haar low calorie maaltijd, die er (gelukkig) erg lekker uitziet. Mijn kosher maaltijd moet nog opgewarmd worden, maar blijkt ook smakelijk: kalkoenborst met champignons en rijst in tomatensaus. Zelfs Kai’s standaard kipmaaltijd ziet er beter uit, dan gewoonlijk.
Terwijl ik dit blog bijwerk, komen de flight attendants langs met Duty Free. Meestal koop ik daar niets, maar ik zie nu een handige armband om mijn telefoon in te doen, terwijl ik loop. Handig voor een van mijn “telefoonwandelingen” met Christine of mijn zus of gewoon om eindelijk eens tijdens het lopen naar de muziek, die ik opgeladen heb, te luisteren. Ik ben er helemaal blij mee.
Helaas zijn er problemen met het videosysteem aan boord. Ik probeer Jane Eyre te kijken, maar het geluid valt steeds uit. Gelukkig wordt het tegen het romantische einde beter. De vlucht verloopt lekker, een beetje lezen, een beetje tv kijken en voor we het weten vliegen we weer boven het Noord-Amerikaanse continent.
Er wordt een snack rondgebracht en duidelijk was mijn koshere maaltijd vergeten, want ik krijg weer een hoofdgerecht. Dit keer is het met een mini quiche, spanakopita en een rijstkroket met groente erin, erg lekker. De Italianen hebben ook misgeteld, want er zijn drie te weinig snacks aan boord. Kai is daar een van en hij krijgt een bordje met vers fruit en kaas uit de eerste klas. Daar eet hij met smaak van!
We landen veilig in Virginia. Het is hier nota bene precies dezelfde temperatuur, als gisteren in Rome, waar het ook flink vochtig was. Online las ik, dat Washington volgens het Weather Channel de zesde heetste stad van Amerika is. We liggen op dezelfde breedtegraad als Rome, dus de zon heeft dezelfde kracht.
Al lijkt de rij bij de paspoortcontrole enorm, het gaat zo gesmeerd, dat we er binnen het kwartier door zijn. Onze bagage staat al te wachten en de douanebeambte vraagt even snel of we vlees, groente of bloemen meehebben. Ik antwoord nee en krijg een "you're good to go" te horen.
Bij de taxistandplaats zijn wij de enigen met veel bagage en binnen twee minuten komt er een grote SUV aanrijden. Nog geen uur na onze landing rijden we de oprit thuis alweer op. Ik loop als eerste naar binnen en word enthousiast begroet door de drie katten. Laura heeft, zoals altijd, goed voor ze gezorgd.
Als de bagage naar binnen is gebracht, gaat Saskia meteen naar het zwembad om haar vriendinnen weer te zien. Zij is echt weer blij thuis te zijn. Stedenreizen, zoals deze, zijn niet aan haar besteed. Kai daarentegen heeft genoten, dat is aan alles te merken.
Hij en ik gaan naar de kennel om een heel enthousiaste Cosmo op te halen. Die heeft een lekker bad gekregen en de medewerkster vertelt, dat hij dol op gekamd worden is. Ze heeft een hele tweede Cosmo uit hem gekamd. Ik geloof het graag.
Nu wordt het uitpakken geblazen. Mijn voeten zien uit naar nog een dag rust morgen. We hebben wat kilometers afgelopen! Iedereen hartelijk bedankt voor de leuke reacties op mijn schrijfsels elke dag. Helaas heb ik geen andere blogs kunnen lezen en had 150 ongelezen blogs in mijn Google reader staan bij thuiskomst. Dat lukt me niet om bij te lezen, dus begin ik morgen met een schone lei.
De laatste foto's van deze reis staan hier.
Ons weer:
maandag, juli 11, 2011
Een dagje Toscane, Pisa en Rome en de reis terug naar huis
vrijdag, juli 08, 2011
Dag 10: Cultuur opsnuiven in Florence
Rick heeft zijn wekker voor half acht gezet, want we hebben een vroege reservering om "de" David te gaan bekijken. Ok, voor de Galleria dell'Accademia, maar de grote trekpleister is wel dat beeld.
We ontbijten een verdieping hoger, dan onze kamers, want de receptie ligt op de bovenste verdieping van dit gebouw en het restauarant ook. Ik vind dit ontbijt het minste, van de hotels, die we tot nu toe hebben bezocht (dat aan het strand het lekkerst). Vooral omdat er minder vers fruit is. Ik maak een broodje met ham en brie en dat smaakt ook prima.
Na het eten wandelen we naar de Accademia. Wij hebben reserveringen voor 9:15 en komen er net voor negenen aan. Er staat al een flinke rij wachtenden, maar met reservering zijn wij de eerste, die het museum binnengaan. Na de veiligheidscontrole laat ik de paspoorten van de kinderen zien, die korting krijgen, en dan mogen we naar binnen.
Eerst zien we een zaal met oude religieuze schilderijen, niet onze interesse. Daarna bekijken we een zaal met gipsen copien van beeldhouwwerken van Bartolini. Ook niet echt ons ding, dus we gaan op zoek naar de David, voor de menigte komt.
We vinden hem al gauw en zien meteen, waarom hij zo beroemd is. Dat iemand zo'n levensecht groter dan levensgroot beeld uit een stuk marmer kan maken! Zelfs de aderen in zijn hand, arm en voet zijn zichtbaar. En dat zoveel honderden jaren geleden, onvoortstelbaar. Ik ben er echt even stil van. Ik had verwacht even te kijken, zoals bij de Venus van Milo en dan te kunnen zeggen, dat ik hem gezien heb.
De kinderen en Rick zijn net zo onder de indruk. We bekijken het standbeeld van alle kanten en zien ook, dat het nauwlettend in de gaten wordt gehouden. De kleinste aardbeving kan al catastrofale gevolgen hebben voor dit kunstwerk, dus worden de spanningen op het beeld constant electronisch gemeten, erg interessant.
Hierna lopen we nog even wat door de galerij en zien nog een negentiende eeuwse tentoonstelling van namaakbeelden, die geen indruk maakt, behalve dat er om de zoveel centimeter een spijker in het gips zit en we ons afvragen waarom. Een vraag, die onbeantwoord zal blijven. Niets haalt bij David, dus we besluiten dit museum na een laatste blik op zijn majestueuze verschijning te verlaten.
Het is nog zo vroeg, voordeel van vroeg beginnen, pas kwart voor tien. De Duomo is nog niet eens open, maar er staat al een flinke rij. Wij besluiten die voor morgenochtend te laten en lopen door naar de Campanile (beltoren). Daar betalen we de 6 euro per persoon om naar binnen te mogen.
We beginnen aan de 414 treden naar boven. Er zijn tussendoor wel een paar verdiepingen, waar we even kunnen uitblazen. Het is een hele klim, maar dan hebben we ook wat, namelijk prachtig uitzicht over Florence. Tegenover ons zien we de mensen, die de Duomo hebben beklommen, dat hopen wij morgen te doen.
We blijven een tijdje boven om te genieten. Ik vind het zo bijzonder, dat eeuwen geleden dit uitzicht niet veel anders was. Na Dubrovnik was en is Florence (zelfs al was ik destijds niet in de beste vorm) mijn favoriete middeleeuwse stad en mijn herinnering stelt me niet teleur.
Na een half uur beginnen we aan de tocht naar beneden. Ik moet regelmatig wachten op zuchtende en steunende mensen, die naar boven komen. Helemaal beneden vraagt een Nederlands gezin mij in het Engels of het moeilijk is en de moeite waard. Tot hun verbazing krijgen ze Nederlands antwoord (zeker de moeite waard en met rustpauzes tussendoor kunnen de meesten het).
Al de hele tijd vind ik het vervelend, dat we alleen een reisgids voor Rome van thuis hebben meegenomen. In het winkeltje hier koop ik een beknopte gids voor Florence. De MapEasy kaart vertelt heel wat, maar niet de details.
We kopen wat water en beginnen dan aan een lange stadswandeling. Als eerste gaan we naar de kerk van Dante Alighieri, stammend uit 1032. Later blijkt, dat ik de enige van ons ben, die erg onder de indruk is van zo'n oud kerkje en het feit, dat een belangrijke personnage uit de Divina Comedia, Beatrice Portinari, hier begraven ligt.
Slechts een paar stappen van dit kerkje ligt Dante's huis, waar nu een museum in is gevestigd. Was ik alleen, dan zou ik het zeker hebben bezocht, maar duidelijk zijn mijn reiscompagnons verveeld. We kijken nog even naar een artiest, die Dante's gedichten met verve opzegt, en lopen dan verder. Ik zou er bijna de Divina Comedia van gaan lezen, ware het niet, dat ik daar tijdens mijn studie Italiaans vrijwel niet doorheen kwam.
We lopen verder naar het Piazza della Signoria met het uit de 13e eeuw stemmende Palazzo Vecchio. Hiervoor staat de copie van David. Na net het origineel te hebben aanschouwd valt op, dat de copie lang niet zo gedetailleerd is. Toch wel leuk om foto's van te nemen, al vinden de kinderen niet, dat ik op het meest viriele deel van het beeld mag inzoemen.
Het palazzo vecchio is gratis te bezoeken. We kijken er wat rond en fotograferen, maar vinden de in mijn gids genoemde mooie kamers niet. We zien hier vandaag ook zoveel, dat we daar maar niet om treuren.
Het is snikheet, dus tijd voor een drankpauze. We gaan een van de self service restaurants binnen. Daar liggen ook lekkere cannoli's. Kai, Rick en ik delen een grote cannolo en die smaakt toch wel anders (super lekker en vers), dan wij bij Italiaanse restaurants thuis gewend zijn. Niet, dat ik nu zo vaak (of eigenlijk ooit) cannolo bestel.
We lopen door naar de Ponte Vecchio en vergapen ons, althans Saskia en ik, aan de prachtige juwelen. We vragen ons af hoe de prijzen vergelijken met de juwelieren in Aruba. Dat zullen we nooit weten, want prijzen zijn, zoals altijd bij juwelieren, niet zichtbaar en naar binnen om te vragen willen we niet. Het is wel bijzonder, dat iedere winkel een juwelier is. je vraagt je af, hoe ze de concurrentie overleven!
Door de zenderende hitte lopen we door naar het Palazzo Pitti. Zo van voren is dat groot, maar verder niet interessant. We hebben geen zin om nog meer entrees te betalen, dus laten het er maar bij. Ik weet, dat de musea werken van bijvoorbeeld Raphael hebben, die ik graag zou zien, maar ik ben de enige kunstgek van ons vieren (hoewel Kai ook neigingen vertoont).
Het is inmiddels lunchtijd en Saskia wil graag op een terrasje eten. Rick en ik willen het goedkoop houden, dus alleen een broodje. Waarempel vinden we Caffe Bianchi, een klein terrasje met lekkere broodjes. Kai en ik kiezen de "tonno, uovo e pomodori", dus met tonijn, ei en tomaat. Een combinatie, die we thuis niet zouden krijgen, maar die ik me voorneem wel eens te maken. In de hitte smaakt het prima.
Bij alle souvenirsstandjes en winkels zien we Pinocchio hier. Het blijkt, dat Carlo Collodi uit Florence komt. Vandaar overal dat houten jochie met zijn lange neus. Saskia koopt er een souvenir van voor een van haar vrienden.
Ons volgende doel is de Piazzale Michelangelo. Hiervoor moeten we een stuk langs de Arno lopen, zoveel mogelijk in de schaduw, want het is heet. Net zo warm als bij ons thuis overigens, dat wordt wat voor de rondleidingen in DC straks!
Puffend lopen we de heuvel op. Eenmaal boven is dat duidelijk niet voor niets! We hebben prachtig uitzicht over Florence. Het is, dat het zo warm is in de zon, anders zou ik hier lang kunnen blijven.
Er staan allerlei souvenirstandjes en Kai kiest een grappig t-shirt voor de enorme prijs van 5 euro. Saskia koopt haar laatste souvenir voor een vriendinnetje, een masker, dat ze ook in Venetie heeft gezien, maar hier de helft van de prijs is.
Terwijl we hier zo rondlopen en ook in de andere plaatsen luister ik graag mee met de gidsen. Boven op de St. Mark in Venetie leerde ik al een aantal dingen en vandaag ook weer. Op een van de heuvels tegenover ons blijkt een oud Etruskisch dorpje te liggen uit de 9e eeuw voor Christus. Jammer, dat we geen tijd hebben dat te bezoeken!
Na genoten te hebben van het uitzicht, vooral Saskia vond het hier heerlijk, want zij vindt de stad niets, gaan we weer naar beneden. Dat gaat natuurlijk veel sneller, dan naar boven, dus we komen een half uur voor onze gereserveerde tijd aan bij het Uffizi.
Maar goed ook, want we moeten eerst onze vouchers inwisselen voor kaartjes. Daar staat al een rij en bij de ingang daarna ook. Om precies kwart voor drie lopen we een van de oudste en meest prestigieuze musea ter wereld binnen.
Eerst moeten we allerlei trappen op naar de bovenste verdieping. Daar zien we een galerij met eeuwenoude standbeelden en schilderijen van belangrijke personnages in de Italiaanse geschiedenis. De zalen met schilderkunst liggen daarlangs.
Het moet gezegd, ik ben dol op Botticelli nu ik zijn schilderijen in het echt heb gezien. Hoe verfijnd, wat een schilderkunst voor alweer zo verschrikkelijk lang geleden. Ook Kai is helemaal geinteresseerd, vooral in de geboorte van Venus. In de kamer met Boticelli's werken blijven we het langst.
Later zien we een Michelangelo (haalt niet bij zijn David, vind ik), werken van Bellini, Raphael, El Greco en Titian, allemaal even indrukwekkend. Ik vind de zaal met Nederlandse meesters erg leuk. Er zijn drie Rembrandts, waaronder een zelfportret. Ik wist, dat hij die graag maakte, maar niet, dat ze ook erg gezocht waren door Rembrandts leeftijdsgenoten. Een stilleven door een van de Nederlandse meesters vind ik weer zo geniaal, alsof je de sinaasappel zo van het bord pakt!
Na al dit lopen heeft Saskia last van haar rug. Niet verwonderlijk, want zij loopt de hele tijd op slippers. Maar ook mijn voeten klagen steen en been. We lopen nog door een interessante tentoonstelling over het ontstaan van het Uffizi (begonnen in 1560, maar liefst!), maar de kinderen hebben het nu gehad, dus Rick en ik haasten ons er doorheen.
Dacht ik altijd, dat je in Amerika eerst door grote winkel wordt geloodst voor je een bezienswaardigheid uit bent. Hier moeten we een waar winkelcentrum door! Eerst boeken, dan wijn, dan kleding etc. eindelijk is daar de uitgang!
Rick heeft nu wel zin in een gelato en ik eigenlijk ook. Ik neem een klein citroenijsje en Rick kiest pistachenotenijs (erg lekker!). Saskia wil niets, maar Kai bestelt de mint granita, ook dat is erg verfrissend.
Saskia, die al dit stadsgedoe maar niets vindt, wil graag een ritje in een van de koetsen aan dit plein maken. De prijs valt mee, dus we gaan op een ritje. Helaas zegt de koetsier helemaal niets onderweg. Rick vooral had gehoopt op een meer "New Orleans" ervaring. Daar zijn de koetsiers ook gidsen, de helft van de tijd versta je ze niet, maar het is het idee. Het paard is in ieder geval lief en onze voeten krijgen even respijt.
Het is dan ook weer even vervelend opstaan, want mijn voeten protesteren hard! Arme Saskia heeft echt rugpijn. We gaan dus terug naar het hotel, dat eigenlijk vlakbij ligt. Alweer heeft Rick een heel centrale locatie geboekt hier.
Gisteravond wilde Rick al een drankje drinken bij het Hard Rock Cafe, dat naast ons hotel ligt. Toen voelde ik me niet lekker, dus stel ik voor nu te gaan. Daar is Rick helemaal voor, dus we geven de sleutel aan de kinderen.
We krijgen een leuke serveerster en ik neem een droge Martini. Volgens mij heb ik die al sinds mijn studententijd niet gedronken. Het smaakt erg lekker. Rick wil ook Grappa weleens proberen, dus dat doen we ook. Pff, ik ben zo moe van vandaag, ik zou zo aan deze bar kunnen blijven hangen.
Intussen kijken we op Tripadvisor.com naar restaurants voor vanavond en zien zowel op de Engelse, als de Italiaanse, Antica Trattoria da Tino. Dat krijgt zoveel goede aanbevelingen, dat ik gauw opbel om te reserveren.
Na een snelle douche, met deze warmte onontbeerlijk, gaan we op zoek naar een taxi om ons naar het restaurant te brengen. Er is een taxi standplaats vrijwel voor de deur, dus we kunnen al snel mee.
Een reservering was absoluut niet nodig, waarschijnlijk omdat Italianen pas na achten eten. We krijgen dan ook Engelstalige menu's, maar ik ben vastbesloten Italiaans te spreken. Op zo'n moment voel ik me meer Nederlands, dan Ameerikaans en als mensen Engels terug spreken heb ik de neiging te vragen, of ze ook Nederlands spreken. Ik heb toch niet voor niets die cursus Italiaans gedaan!
Onze hoofdserveerder vindt het duidelijk wel makkelijk Italiaans te kunnen praten, dus helemaal goed. De anderen staan op Engels, maar de rest van de klanten zijn dan ook Australisch of Brits. Kai en Saskia vermaken zich met het ontcijferen van die accenten, dat lukt dus niet.
We nemen een bord met Toscaanse produkten als vooraf(je), het is dus een enorm bord, dat we absoluut niet opkrijgen. Mijn zwaardvis pasta is lekker en teveel en de anderen smullen ook. Een afgelegen maar goede keuze aan restaurant zeker. Voor het eerst waren de menen ook vriendelijk hier in Florence, tot nu toe vonden we de mensen maar nors.
In het Italiaans vraag ik om een taxi en die komt niet veel later aanzetten. Alweer in het Italiaans geef ik het adres van ons hotel. Dat zal ik nog het meest missen straks thuis. Het gaat zo goed met Italiaans en ik vind het zo'n mooie taal, niet voor niets heb ik het gestudeerd. Ik zou wel een Italiaanse Facebook vriend willen, of zo. Zonder twijfel was vandaag weer een onvergetelijke dag!
Foto's volgen later, ik laad ze nu op
donderdag, juli 07, 2011
Dag 9: St. Mark Basiliek en naar Florence
Alweer word ik door het klokkenspel van de Campanile wakker. Even speel ik met het idee om weer een vroege wandeling te maken, maar nog even lekker liggen wint. Om acht uur wek ik Rick en Kai, zodat we ontbijt kunnen eten voor we naar de Basiliek St. Mark gaan. Saskia gaat ook mee naar beneden om te eten, maar blijft daarna op de kamer internetten.
Ongeveer drie kwartier voor het openen van de basiliek sluite we aan in de al vrij lange rij. Gelukkig staan we in de schaduw en is er een lekker briesje. Met mensen kijken gaat de tijd snel voorbij en zelfs al voor kwart voor tien komt er beweging in de rij.
Ook hier weer wordt de regel van schouders en knieen bedekken streng gehandhaafd. Iedereen, die niet zo gekleed is, krijgt een soort donkerrode servet om om te doen. Wij zijn goed gekleed, dus mogen meteen doorlopen.
Ergens heb ik een opinie gelezen, dat de St. Mark de mooiste kerk ter wereld is. Van wat ik gezien heb, kan ik het daar wel mee eens zijn. Van binnen is hij nog indrukwekkender, dan van buiten. Alle muren, inclusief de binnenkant van de vijf koepels, zijn bedekt met mozaieken met heel veel goud. We horen van een gids, dat dat glazen stukjes zijn met 24 karaatsgoud erin.
Met open mond nemen we het geheel in ons op. We laten de schatkamer en het altaar, waar je beiden entree voor moet betalen, zitten. Als we al het moois in ons op hebben genomen, gaan we wel naar boven. Daar wordt een entree geheven van 4 euro per persoon voor het museumpje en het balkon.
Het museum is interessant en vertelt over de geschiedenis van de kerk. Ook staan hier de vier originele koperen paarden uit de tweede eeuw na Christus. Sinds 1982 zijn de paarden, die nu buiten staan, copieen.
Binnen mag niet gefotogafeerd worden, maar buiten op het balkon wel. We staan nu nog dichter bij de mooie mozaieken op de voorgevel, dus nemen daar foto's van. Ook zien we hier over het hele Piazza San Marco met zijn drukte uit. Na een aantal foto's hebben we het wel gezien en gaan even terug naar het hotel.
Kai wil toch heel graag een masker van een pestdokter en Rick een souvenirgondel. Zij gaan daarnaar op zoek. Ik wil nog een paar dingen in de stad bezoeken, dus ga er alleen op uit.
Allereerst maak ik een foto van de Brug van de Zuchten, zo genoemd, omdat de gevangenen via die brug naar de gevangenis werden gebracht en daar hun laatste blik op Venetie wierpen. De brug wordt gerenoveerd, maar ik wil dit bekende plaatje toch maken.
Op mijn MapEasy kaart zie ik, dat hier dichtbij de kerk San Giorgio dei Greci een scheve beltoren heeft. Dat wil ik weleens zien. Via de heel drukke kade loop ik erheen. Mannen en vrouwen verkleedt als met Carnaval proberen geld te verdienen door foto's, die toeristen van hun nemen. Ze roepen ook mij toe met mijn overduidelijke fototoestel. Ze hebben echter pech, want aan zulke foto's vind ik helemaal niets.
Na een tijdje volg ik de kaart de nauwe steegjes in. Hier is het opeens absoluut niet meer toeristisch. De wassen hangen hoog boven mijn hoofd te drogen en een oude vrouw hangt uit een raam een kleed te kloppen. Opeens komt er zo'n Carnavalspaar de steeg inrennen en begint in allerijl hun costuums uit te trekken. Een plotselinge amoureuze intermezzo of iets anders?
Verder baan ik mij een weg door de steegjes, nauwkeurig de kaart volgend, want je verdwaalt hier zo. Ik heb de scheve toren al gezien en gefotografeerd, maar het hele kerkje vind ik niet. Is ook niet belangrijk, dus ik geef het op.
Kai heeft de kerk van San Zacccaria ook op de kaart omcirkeld als voorkomende in Assassin's Creed. MapEasy weet te vermelden, dat de nonnen van het bijbehorende klooster bekend stonden om hun ondeugendheid. Wat ik me daar nu weer bij moet voorstellen? Deze kerk is erg donker en lang vertoef ik er niet. Zo langzamerhand moet een kerk wel heel mooi zijn om mijn belangstelling nog te houden.
Een laatste gebouw hier in Venetie, dat ik graag wil zien, is het Palazzo Contarini di Bovolo. Dit paleis uit de laat 15e eeuw staat bekend om zijn wenteltrap aan de buitenkant. Op mijn kaart zie ik, dat het niet zover is, maar ik moet wel door de meute op het San Marco plein. Nou ja, vooruit dan maar.
Na wat gezoek vind ik het paleis en maak een paar foto's. Helaas is het nu tijd om terug naar het hotel te gaan en straks afscheid van Venetie te nemen. Ja, het stinkt er regelmatig, het is er idioot druk en er is veel verval, maar toch vind ik dit een stad met karakter. Ik heb genoten van onze tijd hier.
Op de kamer pakken we in en checken uit. We kunnen de bagage bij de receptie achterlaten en gaan op zoek naar restaurantje voor de lunch. Dat vinden we vrijwel tegenover het hotel. Ai Specchiere heeft lekkere broodjes, die Rick en Saskia bestellen. Kai neemt gehaktballen met de typisch Venetiaanse polenta en ik neem weer eens een caprese.
Om een uur staat de boottaxi klaar en helpt de medewerker van het hotel met onze bagage. De taxichauffeur vaart lekker langzaam, zodat Rick en ik nog wat laatste foto's kunnen nemen. Dan lopen we door de drukte terug naar de garage San Marco. Het duurt even voor de garagebeheerder onze auto terugvindt, maar dan kunnen we op weg.
Voor we het weten draaien we de autostrada in de richting van Bologna op. Het landschap is hier nogal saai, vlak en weinig te zien, pas na Bologna wordt het mooier. Het wordt steeds heuvelachtiger en we rijden door tunnel na tunnel. Er is enorm veel vrachtverkeer, die allemaal keurig rechts blijven rijden. Rick en ik verzuchten, dat we wilden, dat er zo'n wet in Amerika was.
We verlaten Emilia en rijden Toscane binnen. Al gauw gaan we de snelweg af en worden door de GPS ingewikkeld door de voorsteden van Florence geleid. Rick heeft moeite met de aanwijzingen en het duurt vrij lang voor we eindelijk in het centrum zijn.
Daar zien we de naam van ons hotel Pensione Pendini wel op het gebouw staan, maar kunnen de ingang niet vinden. We bellen toch maar even en Rick krijgt een nogal ongeduldige Italiaan aan de telefoon, die zijn uitspraak van de straten niet verstaat. Ik neem het dus maar even over en met ijzige stem wordt mij uitgelegd, dat de ingang aan een van de zijstraatjes is.
Rick wordt helemaal nerveus van de smalle straatjes met aan weerszijden motorfietsen. Gelukkig vinden we nu de ingang snel en ik ga inchecken, terwijl Rick en de kinderen uitladen. Hier geen "benvenuto" of zo, maar een werkelijk koude vis van een receptionist, die me ook nog eens eraan herinnert, dat hij de autosleutel moet hebben, want zonder kan de auto niet worden geparkeerd. Ja, duh!
In ieder geval hebben we een superkamer of liever een suite. De kinderen hebben een kamer met twee bedden voor en Rick en ik onze eigen kamer met dubbel bed. Het is eenvoudig ingericht en we hebben geen uitzicht, maar we gaan hier toch alleen maar slapen.
We hebben inmiddels trek gekregen en gaan onze omgeving wat verkennen. We hebben flinke trek en strijken neer op een van de terrasjes aan het plein voor ons. We krijgen een tafeltje vooraan en er is van alles gaande op het plein, waaronder een Indiaanse dansgroep, dus dat is leuk.
Onze serveerder is een grapjas van jewelste, dus het wordt een leuke maaltijd. Rick en ik delen een zalm carpaccio, wat gewoon een paar plakken gerookte zalm blijkt te zijn, maar erg lekker. Mijn hoofdgerecht, een filet van dorade met tomaat, uit, aardappel en olijven in alumiumfolie bereid, is precies goed met dit hete weer.
Toe delen Kai, Rick en ik voor het eerst een tiramisu, die duidelijk vers bereid is. De serveerder is laat met de extra lepeltjes brengen en we hebben het al met messen opgegeten. Hij moet daarom lachen en verontschuldigt zich. Om het goed te maken krijgen we een tweede tiramisu gratis. Gelukkig heeft Kai daar nog wel een plaatsje voor.
Na het eten lopen we naar de Duomo. Nu dacht ik echt in Venetie de mooiste kerk van buiten te hebben gezien, maar ik vind deze nog mooier. We bezoeken de doopkapel en nemen foto's van de prachtige ook weer met goud gemaakte mozaieken in het plafond.
Dan lopen we verder naar het Palazzo Vecchio, waar de copie van de David staat en de Uffizi Gallerieen. Daarna naar de Ponte Vecchio, maar Saskia is moe, dus die laten we voor morgen. Het was vandaag weer een volle dag en dat zal het morgen ook zeker worden!
Er is een grappig verhaal over Florence en mij. Toen ik achttien was, waren we bij Venezie op vakantie. Op de avond voor we een dagje naar Florence gingen, hadden mijn broer en ik nogal veel lol met een stel Italiaanse jongens en hun wijn gehad. Wij hadden dus enorme katers, toen we door de straten van Florence liepen. Al het moois ging dus zo'n beetje langs ons heen. Daar heb ik later zoveel spijt van gehad (op de dag zelf al)! Ik hoop er morgen bewust van te kunnen genieten om de David in het echt te zien en alle kunstwerken in het Uffizi (ok, misschien niet alle, maar toch een aantal).
Foto's van vandaag staan hier.
